
WiN
Stichting Welzijns instituut Nickerie
Alle jongeren een kans!
Alle jongeren een kans!
Samenvatting
Nickerie is een bijzonder deel van Suriname. Door de geïsoleerde ligging, de bevolkingopbouw en de recente economische ontwikkeling heeft het een eigen dynamiek met de bijgaande problematiek.
In het algemeen kan men zeggen dat de ontwikkelingsmogelijkheden van jongeren in het district Nickerie beperkt zijn en dat hun toekomstperspectief niet rooskleurig is.
Symptomen als het ernstige alcoholgebruik, het druggebruik en het grote aantal suïcidepogingen mag men eigenlijk niet negeren.
Op dit moment bestaan er in de Surinaamse districten geen voorzieningen voor jeugdhulpverlening. Ook Nickerie kent geen vorm van jeugdzorg of jeugdhulpverlening.
Het project jeugdhulpverlening richt zich specifiek op de groep van kinderen en jongeren die het risico lopen schooluitvallers te worden of te blijven, het risico lopen in contact met de politie te komen en jongeren die al in contact met de politie zijn gekomen.
WiN is van mening dat een vroege opsporing de beste preventieve benadering vormt en bovendien ook qua hulpverlening waarschijnlijk het meest rendabel zal zijn.
Om die reden richt WiN zich al op schooluitvallers vanaf ongeveer 8 jaar en voor wat betreft jongeren die met justitie in aanraking komen, vooral op first offenders.
De uitvoering van de jeugdhulpverlening is zo concreet mogelijk en zal outreached plaatsvinden. Bij de organisatie en de uitvoering is het noodzakelijk rekening te houden met de cultuur, de plaatselijke omstandigheden en de mentaliteit van de lokale bevolking. Een voorwaarde is om met een staf te werken van lokale mensen. En de beschikking te hebben over voldoende financiële middelen voor de uitvoering van alledag en de investering in o.a. opleiding en continuïteit.
De activiteiten bestaan uit:
a) Het vormen van een consultatieteam, waarin de scholen zorgleerlingen kunnen bespreken en eventueel voor verdere begeleiding naar WiN kunnen verwijzen
b) Ondersteuning bieden aan scholen bij het opleiden van counselors
c) Ondersteuning van scholen bij de opbouw van goede relaties met de ouders
d) Aanbieden van leer-arbeidstrajecten aan schooluitvallers, gericht op herintegratie van deze jeugdigen.
Nickerie is een bijzonder deel van Suriname. Door de geïsoleerde ligging, de bevolkingopbouw en de recente economische ontwikkeling heeft het een eigen dynamiek met de bijgaande problematiek
In dit gebied is het belangrijk om jongeren alle kansen te bieden, ook de jongeren met minder mogelijkheden of degene die verdacht worden van een strafbaar feit. In Nickerie is ervaring opgedaan met de activiteiten voor WiN. ‘ Alle jongeren een kans! is een nieuw project van WiN. De aanleiding voor het opstarten van het project ‘ Alle jongeren een kans!’ is het inzicht en de ervaring dat de jeugdhulpverlening op dit moment nog nauwelijks is ontwikkeld. Het aantal voorzieningen voor jongeren is beperkt. Gezien de aard van de problematiek voor de jongeren is het noodzakelijk de jeugdhulpverlening te ontwikkelen. Een aantal activiteiten die in deze notitie zijn beschreven worden door WiN in beperkte vorm reeds uitgevoerd, een aantal activiteiten start WiN op en plaatsen we in een kader en een aantal activiteiten worden uitgebreid. Deze notitie zet de activiteiten in een kader en biedt de mogelijkheid de activiteiten gestructureerd met de netwerkpartners te bespreken. Vervolgens kunnen we de afspraken formaliseren.
De stichting Welzijns Instituut Nickerie (WiN) is in 2003 opgericht. Het bestuur van de Stichting WiN stelt zich ten doel bij te dragen aan de bevordering van de kwaliteit van welzijn en zorg in Nickerie. Dat doel streeft het bestuur na middels het uitvoeren van een serie van activiteiten. Het spreekt voor zich dat de stichting al haar activiteiten uitvoert in samenwerking met locale organisaties. Een impressie van de activiteiten van WiN; uitvoeren van wetenschappelijk onderzoek, meehelpen aan het opbouwen van preventieve en curatieve voorzieningen in de psychosociale sfeer, meehelpen met het versterken van de zorg voor lichamelijk en verstandelijk gehandicapten, ontwikkelen van projecten gericht op sociale activering. De ontwikkeling van de jeugdhulpverlening in Nickerie is het nieuwste project van WiN.
Om de notitie leesbaar te houden is de informatie kort en bondig weergegeven. De uitwerking, de protocollen en de methodiekbeschrijving zijn niet in deze notitie opgenomen. De notitie start met uitgebreide achtergrond informatie in hoofdstuk 1. Vervolgens in hoofdstuk 2 een uitwerking van de missie, visie en de doelstellingen van het project. In het derde hoofdstuk staat een beschrijving van de activiteiten voor jongeren1. In hoofdstuk 4 is de begroting opgenomen.
Nickerie is opgebouwd uit een kleine kern, Nieuw Nickerie met daarom heen een groot district dat ruim 5000 vierkante kilometer beslaat. Direct buiten de kern van Nickerie vallen de lange rechte wegen met de lintbebouwing op. Daartussen bevinden zich de grote rijstpolders en achter elk huis veelal ook de eigen arealen van circa 1 hectare elk, bedoeld voor eigen voedselvoorziening. Mensen wonen in een dergelijke structuur dus vaak ver uit elkaar. In de polders bevinden zich nauwelijks openbare voorzieningen en winkels (anders dan kleine supermarkten), zodat men sterk aangewezen is op de voorzieningen in de kern van Nieuw Nickerie.
Het openbaar vervoer rijdt alleen ‘s ochtends door de polders om de bevolking naar de markt in Nieuw Nickerie te brengen, en ‘s middags kan men terug. De staat van de wegen is overwegend slecht. De meeste wegen zijn zandwegen. Vooral in de regentijd is de begaanbaarheid erg moeilijk. Dat betekent bijvoorbeeld dat men niet gemakkelijk per auto ergens heen gaat en dat afspraken slecht te plannen zijn. Dat geldt in het bijzonder voor situaties waarin men is aangewezen op het spaarzame openbaar vervoer. Mensen komen soms niet of veel te laat[1].
De bevolking in Nickerie omvat ruim 37.000 mensen. Ongeveer 65 % van hen is van Hindoestaanse afkomst, 25% is van Creoolse afkomst, 13% van Javaanse afkomst.
In een kleine gemeenschap is de sociale controle doorgaans groot. Dat geldt zeker voor de dunbevolkte polders. Families wonen veelal bij elkaar op eenzelfde erf. Het leven speelt zich vooral daar af: men gaat na school of werk zelden meer van huis.
De mogelijkheden om op een andere plek dan bij de familie in huis of op eenzelfde erf te wonen zijn, wegens geldgebrek en het geringe aanbod van betaalbare woningen zeer beperkt. Naast werk en het huishouden heeft de bevolking niet veel nevenactiviteiten.
Vooral in het Hindoestaanse deel van de bevolking zijn familietradities sterk. Het familiebelang is doorgaans belangrijker dan het individuele belang. Hindoestaanse families zijn nog sterk patriarchaal georganiseerd, terwijl Creoolse families meer matriarchaal zijn ingesteld. Javaanse families zitten er tussen in.
De onderlinge verhoudingen binnen een gezin en familie zijn uiteraard soms gespannen. Het spanningsniveau is, bij gebrek aan een gedifferentieerd “pakket” aan uitings-mogelijkheden en bij een taboe op het openleggen en bespreken van gezins- en familie-conflicten, dan ook in vele families zeer hoog. De neiging om te somatiseren is sterk.
Drie jaar geleden is Nickerie ontsloten door de komst van de brug over de Coppename-rivier. Een reis vanuit de stad Paramaribo is daarmee bekort van een volle dag tot ruim drie uur.
Geruime tijd geleden bestond in Nickerie een sterke afscheidingsbeweging. De zaken gingen goed en de eigenwaarde was sterk. Het gevoel was “ wij verdienen hier het geld en in Paramaribo maken ze het op”. Men keek zelfs veelal wat neer op de stad. En in de stad bestond een beeld van Nickerie als een gebied van rijke padieboeren, die misschien wel klaagden (“zo zijn boeren”), maar die het in feite heel goed hadden. Nickerie was de rijstschuur en een belangrijke leverancier van deviezen voor de staat.
Toen de zaken echter in de loop van de tachtiger jaren minder gingen heeft men beiderzijds nog heel lang de façade opgehouden, tegen de realiteit dus in. Inmiddels heerst in Nickerie aanzienlijk minder welvaart. De wereldmarkt voor de rijst (padie) en de bananen is ingestort. De eerst goed functionerende infrastructuur werkt door gebrek aan onderhoud veelal niet meer. De irrigatiekanalen bijvoorbeeld, noodzakelijk voor een goede regulering van de bevloeiing van de rijstvelden, worden zelden schoongemaakt en veroorzaken daarmee grote problemen in de waterhuishouding.
De coöperaties, een verdergaande vorm van samenwerking voor de rijstbouw en verkoop functioneren momenteel niet goed. De gemeenschapszin die vroeger, 40 tot 50 jaar geleden, volgens zeggen bestond lijkt wel verdwenen. Mogelijk leidt de economische achteruitgang tot eens scherper rivaliteit.
Nickerie is een agrarisch gebied. Van alle geschikte grond wordt echter nog maar enkele procenten benut. Ongeveer 70% van de bevolking is afhankelijk van de rijstbouw dan wel de bananenteelt[2]. De beoefening van de landbouw is vanouds erg traditioneel van aard:
“mijn vader deed het al zo, dus daarom doe ik het ook zo” . Het hele gezin hielp mee in de landbouw en had daarmee inkomsten. Momenteel kan een gezin meestal niet meer leven van de opbrengst van de eigen kostgrond.
De somatische gezondheidszorg staat op een goed niveau. De psychische gezondheidszorg daarentegen is slecht ontwikkeld. Er is geen psychosociale zorg voor volwassenen, ouderen en jeugdigen. Men is feitelijk aangewezen op Paramaribo. Er worden wel initiatieven ontplooid daaraan iets te doen[3].
Welvaart en armoede
Momenteel leeft ook in Nickerie ruim 60% van de mensen beneden de armoedegrens (gegevens ABS Suriname), met name in de polders.
Tussen de overtuiging dat het economisch goed gaat in Nickerie en de realiteit bestaat dus een schril contrast. Men neigt er in Nickerie toe de armoede verborgen te houden, ook al lijdt men er danig onder.
De eerste levensbehoeften vormen niet het grootste probleem. Hongersnood kent Suriname niet. Problematisch zijn wel zaken als onderhoud, aanschaf van schoolmateriaal, kleding, verzekeringen etc..
Naast de gewone economie bestaat er dan ook een informeel circuit van inkomensverwerving (“hosselen”), waarvan de omvang echter niet exact bekend is. Vele mensen leunen daarnaast sterk op geld en pakketten van familie en vrienden in Nederland.
De man-vrouw verhouding is doorgaans traditioneel bepaald. Met name bij Hindoestaanse mensen dienen vrouwen een ondergeschikte en behulpzame plaats in te nemen. Het uithuwelijken van meisjes is nog een dagelijkse praktijk. Ook hier weegt de familie-eer zwaar. In zeker de helft van de Creoolse gezinnen staat doorgaans de vrouw aan het hoofd van het gezin wegens het ontbreken van een vader.
In Javaanse families vormt de partnerkeus meer een individuele aangelegenheid. Van uithuwelijken is geen sprake, in geval van een scheiding wordt men doorgaans door de eigen familie weer opgevangen. De emancipatie van Javaanse vrouwen is aanzienlijk verder dan die van Hindoestaanse vrouwen.
De omgang met kinderen wordt gekenmerkt door rigiditeit en eenzijdigheid. Kinderen dienen te luisteren. Men is weinig geneigd moderne opvoedingsmethoden toe te passen. Slaan komt nog veel voor, terechtwijzingen en kritiek hoort men aanzienlijk vaker dan complimenten. Het belang van een kind weegt nog niet zo zwaar.
Etniciteit speelt nog steeds een belangrijke rol, maar doet dat vooral op de achtergrond.
Vanwege de economische situatie zijn veel mannen aan het hosselen. De armoede maakt mensen kwetsbaar, draagt bij aan een verlaagd gevoel van eigenwaarde en tast de familie-eer aan. Het gebrek aan sociaal-economisch perspectief leidt tot hopeloosheidgevoelens.
Bij velen bestaat dan ook de neiging om weg te willen. Men wil naar de stad, maar het liefst nog wil men naar Nederland. Dat lijkt, in vergelijking met de omstandigheden die men in Nickerie ondervindt, een paradijs te moeten zijn waar niet alleen veel werk is, maar waar de overheid de mensen ook verzorgt – in tegenstelling tot wat men hier ervaart. Het verschil tussen zeer rijk en zeer arm is de laatste tien jaar toegenomen. (gegevens ABS).
De sterke familietradities, de geslotenheid, de armoede en de uitzichtloosheid dragen bij aan een lusteloosheid die men (vooral mannen) doorgaans bestrijdt met alcohol. Ook onder jongeren is de alcoholconsumptie groot, al zijn er geen goede statistische cijfers voor handen.
Ook het gebruik van psychofarmaca is groot. En opvallend is ook het grote aantal zelfmoordpogingen. De ratio van gelukte pogingen bijvoorbeeld ligt in Nickerie op 96 (op 100 000 mensen boven 14 jaar), waar deze wereldwijd op 16 ligt. De helft van alle pogingen wordt gedaan door jongeren en jong-volwassenen.
Het tijdsperspectief is doorgaans beperkt: plannen maken voor de lange termijn heeft in de Nickeriaanse situatie nog niet veel zin. Men kijkt in zulke moeilijke omstandigheden uiteraard niet graag ver vooruit. Op de achtergrond echter beseft men wel dat er in de Nickeriaanse samenleving weinig ontplooiingsmogelijkheden zijn, vandaar natuurlijk ook de wens om “weg te gaan”.
De braindrain die is begonnen in de aanloop naar de onafhankelijkheid in 1975 (en toen ook een hoogtepunt kreeg: bijna 40 000 mensen vertrokken in dat jaar uit Suriname) eist ook in Nickerie nog steeds zijn tol. Vele hoger opgeleide mensen trekken weg. Voor hoger onderwijs moet men in het algemeen toch naar Paramaribo of zelfs naar het buitenland. Men komt na afronding van die opleiding zelden terug naar Nickerie, waardoor Nickerie een chronisch gebrek heeft aan hoger kader. Het is niet eenvoudig die spiraal te doorbreken, maar duidelijk is wel dat hogere opleidingen naar Nickerie gebracht zullen moeten worden; dat er ter plekke kader gekweekt moet gaan worden.
Het onderwijs in Suriname wordt in het algemeen gegeven door een zeer gemotiveerd maar zwaar belast docentencorps, dat moet werken onder veelal erbarmelijke omstandigheden. De voertaal is Nederlands. Vele kinderen komen op school voor het eerst in aanraking met die taal en beginnen dus al met een grote begripsachterstand. Dat geldt vooral voor kinderen uit de polders rondom Nieuw Nickerie. In de meeste gezinnen is de omgangstaal niet Nederlands.
De verschraling doet zich voelen in een gebrek aan vernieuwing in onderwijsmethoden (in doelstellingen, eindtermen, doelen per vak, aansluiting van vakken op elkaar etc.), in bijzonder slechte materiele voorzieningen en eigenlijk ook in een onderwijsklimaat dat niet stimulerend is. Leerlingen krijgen per jaar ongeveer 1100 uur les (elders ongeveer 1400 uur per jaar). Surinaamse kinderen doubleren bijzonder veel (elk jaar doubleert ongeveer een kwart van de leerlingen), haken af (7% elk jaar), en bij het eindexamen in het voortgezet onderwijs zakt ongeveer de helft van de examenkandidaten. Het onderwijs is daarmee bijzonder onrendabel.
Meisjes worden meer gestimuleerd de opleiding af te maken dan jongens. Meisjes zijn daartoe mede gemotiveerd omdat scholing het moment van uithuwelijken uitstelt.
Jongens kunnen al snel helpen in de landbouw en dus inkomen genereren. Ook kunnen jongens redelijk gemakkelijk geld verdienen in het informele en criminele circuit.
Specifieke aandacht voor zwakke en achterstandsleerlingen is er niet. “Lastige leerlingen” krijgen geen extra aandacht maar worden achter in de klas gezet. Leerlingen worden in het algemeen niet gestimuleerd kritisch en zelfstandig te denken.
Net zoals het geval is in het onderwijs valt op dat het ontwikkelen van eigen initiatief, met name in de Hindoestaanse gemeenschap snel wordt beleefd als bedreigend voor de tradities. Daarom wordt het ook niet aangemoedigd. De samenleving kent een redelijk sterke verdeling naar sociale klasse en welvaart.
Nickerie kent vele geloven. Creoolse mensen behoren doorgaans tot een vorm van een Christelijke kerk. Van de Hindoestanen is 20% moslim, de anderen zijn meer of minder streng Hindoe. Veel Javanen zijn ook moslim, maar van een andere groepering dan Hindoestaanse moslims. Vaak is er spanning voelbaar. “Boslandcreolen” en mensen met een Indiaanse achtergrond geloven vaak nog meer aniministisch. Zij hebben hun eigen specifieke godsdienst met goden en demonen.
Het feit dat de familie zoveel bepaalt voor individuele mensen leidt er mede toe dat jongeren geneigd zijn weg te trekken , dan wel zich aan te passen en weinig eigen verantwoordelijkheid wensen te dragen. Men raakt geneigd te externaliseren en zichzelf een passieve positie toe te dichten[4].
In het algemeen is men niet bijzonder geneigd om over gezins- en relatieproblemen met elkaar van gedachten te wisselen. Om die reden is men doorgaans ook niet gewend om de eigen stemming of het eigen gevoel te “mentaliseren” en vervolgens onder woorden te brengen. Dat maakt begrip en gevoelsuitwisseling uiteraard moeilijk.
Met name de Hindoestaanse bevolking kent een traditie van het geven van geld en eten. Maar de inzet voor vrijwilligerswerk is niet sterk. Onder Creoolse mensen, met hun Christelijke traditie, komt vrijwilligerswerk aanzienlijk meer voor.
e) sterke sociale controle.
Toch zien zij, mede natuurlijk door invloeden van televisie en internet, ook wat ze missen. Contacten met familie in Nederland versterkt dat beeld.
Een aantal van hen zal zich met die situatie verzoenen en zich misschien inzetten voor de gemeenschap[6]. Soms zal de verzoening vooral een (schijn)aanpassing zijn die bereikt wordt met behulp van verdovende middelen: alcohol en drugs. Veel jongeren zullen, indien ze de kans krijgen, naar elders vertrekken. En anderen wenden zich wellicht tot alternatieve wegen van inkomensverwerving en ontwikkeling: de informele en vaak criminele weg.
Op dit moment bestaan er in de Surinaamse districten geen voorzieningen voor jeugdhulpverlening. Ook Nickerie kent geen vorm van jeugdzorg of jeugdhulpverlening[7].
Als jongeren met justitie in aanraking komen en in het jeugdcellenhuis verblijven voeren de politie en de bewaarders geen constructieve en pedagogische gesprekken. Geen van de activiteiten vanuit justitie in het jeugdcellenhuis zijn gericht op de periode na de detentie op resocialisatie en het bieden van perspectief. Sinds ongeveer twee jaar begeleidt een medewerker van WiN op verzoek van de politie Nickerie jongeren die in het jeugdcellenhuis Waldeck zijn gedetineerd.
In het algemeen kan men zeggen dat de ontwikkelingsmogelijkheden van jongeren in het district Nickerie beperkt zijn en dat hun toekomstperspectief niet rooskleurig is.
Symptomen als het ernstige alcoholgebruik, het druggebruik en het grote aantal suïcidepogingen mag men eigenlijk niet negeren. Het district behoeft dringend investering op velerlei gebied: met name economisch[8] en zeker ook onderwijstechnisch. Ook moet dringend een psychosociale gezondheidszorg worden opgebouwd. Dat is om meerdere redenen van belang:
a) kinderen en jeugdigen hebben er recht op,
b) psychosociale gezondheidszorg vermindert leed en verkleint de kans op invalidering,
c) versterkt de somatische gezondheid,
d) verhoogt de productiviteit (arbeidsdeelname op de lange termijn),
e) versterkt de stabiliteit
f) verkleint het risico op criminaliteit, werkloosheid, geweld en andere riskante gedragingen (suïcidepogingen).[9]
Het Welzijns instituut Nickerie is doende een jeugdhulpverleningscircuit op te zetten, dat zich in eerste instantie richt op enkele specifieke sectoren: risicojongeren en (dubbel) gehandicapte kinderen en jeugdigen..
Om een helder beeld te geven van de opzet van het project heeft WiN de volgende missie, visie, strategie, operationele doelstellingen, doelgroep, activiteitenschema/time table, samenwerkingsrelaties en verwijsinstanties, juridisch kader voor dit project geformuleerd.
Het scheppen van voorwaarden voor deelname van jongeren aan het maatschappelijk leven en het creëren van perspectief op het terrein van onderwijs, arbeidsparticipatie, relaties en vrije tijdsbesteding.
De leidraad voor het hele programma wordt gevormd door het Kinderrechtenverdrag dat in 1993 door Suriname is ondertekend, maar dat in vele facetten nog niet wordt gepraktiseerd[10].
WiN treedt op als pleitbezorger voor het kinderrechtenverdrag.
Het project jeugdhulpverlening richt zich specifiek op de groep van jongeren die:
a) het risico lopen schooluitvallers te worden of te blijven
b) het risico lopen in contact met de politie te komen
c) die al in contact met de politie zijn gekomen.
WiN is van mening dat een vroege opsporing de beste preventieve benadering vormt en bovendien ook qua hulpverlening waarschijnlijk het meest rendabel zal zijn.
Om die reden richt WiN zich al op schooluitvallers vanaf ongeveer 8 jaar en voor wat betreft jongeren die met justitie in aanraking komen, vooral op first offenders.
WiN werkt vanuit een integratief gezichtspunt. Een netwerkbenadering is in de Nickeriaanse gemeenschap onontbeerlijk. Een hechte samenwerking met die sociale structuur is een must. Dat maakt het noodzakelijk een systeemtheoretische kijk te hanteren op het psychosociaal functioneren van jongeren.
WiN werkt vervolgens vanuit een competentiemodel, dat zich in het algemeen richt op:
a) de versterking van projectieve factoren
b) verkleining van de risicofactoren[11]
c) versterking van de sociale weerbaarheid en sociale, interpersoonlijke vaardigheden
d) versterking van deelname aan het maatschappelijk leven
e) gedragsmatige, praktische interventies.
WiN baseert zich bij dit uitgangspunt vooral op wetenschappelijk onderzoek[12].
Operationele doelstellingen
Overleg tussen WiN en de directeuren uit het voortgezet onderwijs leidde (mei 2003) tot de afspraak dat WiN met enkele “target scholen” een samenwerkingsovereenkomst zal sluiten. De selectie van deze scholen vindt in december 2003 plaats en zal sterk worden bepaald door de ernst van de psychosociale problematiek.
In de samenwerkingsovereenkomst maken we afspraken dat WiN:
a) een consultatieteam vormt, waarin de scholen zorgleerlingen kunnen bespreken en eventueel voor verdere begeleiding naar WiN kunnen verwijzen;
b) voor schooluitvallers waar passend leer-arbeidstrajecten bouwt, gericht op herintegratie van deze jeugdigen;
c) voor voortijdig schoolverlaters een traject wordt gestart voor terug naar school;
d) de scholen helpt counselors op te leiden[13]
e) de scholen helpt bij de opbouw van goede relaties met de ouders
De uitvoering van de jeugdhulpverlening moet zo concreet mogelijk zijn en outreached plaatsvinden. Bij de organisatie en de uitvoering is het noodzakelijk rekening te houden met de cultuur, de plaatselijke omstandigheden en de mentaliteit van de lokale bevolking. Een voorwaarde is om met een staf te werken van lokale mensen. En de beschikking te hebben over voldoende financiële middelen voor de uitvoering van alledag en de investering in o.a. opleiding en continuïteit.
De methodiek zal vooral training en coaching inhouden. Onderdeel van coaching kan ook counseling zijn (vooral van toepassing in ernstiger situaties).
Doelgroep
WiN richt zich, conform het hiervoor beschrevene, op de volgende doelgroep[14]:
a) kinderen en jongeren tussen 8 en 18 jaar
b) wonend in het district Nickerie
c) die behoren tot zorgleerlingen
d) dan wel de school voortijdig hebben verlaten
e) dan wel in contact met justitie zijn gekomen
f) voor in het algemeen een licht vergrijp.
In Nickerie ontbreken voorzieningen voor de opvang en hulpverlening aan jongeren. WiN heeft gekozen om voor drie doelgroepen een jeugdhulpverleningtraject op te zetten volgens in hoofdstuk 2 beschreven visie en methodiek. In dit hoofdstuk beschrijven we de activiteiten voor de drie doelgroepen; voortijdig schoolverlaters, zorgleerlingen en jongeren die in contact met de politie zijn gekomen. Tevens geven we een beschrijving van de overkoepelde activiteiten voor de doelgroep. Het betreft een globale beschrijving. Enerzijds omdat de activiteiten eerst besproken gaan worden met verschillende netwerkpartners. Anderzijds omdat de ‘werk’ beschrijvingen en de uitvoeringsprotocollen van deze activiteiten niet in deze notitie zijn opgenomen.
In de bijlage is het schema opgenomen waarin staat aangegeven waar de prioriteiten voor het eerste tweejaar worden gelegd.
De scholen melden actief aan WiN de jongeren die in de afgelopen maand zonder geldige reden niet op school zijn verschenen. Deze melding doen zij op basis van lijsten die zij maandelijks voor de Inspectie invullen. Op basis van een lijst met criteria worden zorgleerlingen benoemd. WiN biedt een consultatieteam aan voor de consultatie en hulpverlening aan zorgleerlingen. Het gaat om 26 lagere scholen in Nickerie en de districten met 5460 leerlingen. WiN maakt de keuze om met drie lagere scholen te starten. Na het gesprek op de school vindt een gesprek met de jongere plaats. Vervolgens zonodig met de ouders. Aan de hand van de bevindingen vindt nader onderzoek plaats en wordt een plan van aanpak opgesteld. Afhankelijk van de zwaarte van de problematiek zetten we coaches in. Om de jongeren goed te kunnen verwijzen is een sociale kaart beschikbaar.
Zorgleerlingen
Bij de zorgleerlingen denkt WiN aan onthechte kinderen, kinderen met autoriteitsproblemen en maatschappelijk onwenselijk gedrag. Voor de scholen zal een screenlijst ontwikkeld worden om deze jongere vroegtijdig te onderkennen. Wederom zal de melding vanuit de school plaatsvinden. Na het gesprek op de school vindt een gesprek met de jongere plaats. Vervolgens zonodig met de ouders. Aan de hand van de bevindingen vindt nader onderzoek plaats en wordt een plan van aanpak opgesteld met een advies. Afhankelijk van de zwaarte van de problematiek zetten we coaches in.
De populatie in het jeugdcellenhuis heeft vaak maar een paar klassen lagere school bezochten spreekt nauwelijks Nederlands. Ze hebben niet voldoende onderwijs genoten voor het perspectief op een baan. De jeugdigen vanaf 12 gaan vaak niet meer naar school. De opzet voor de jongeren in het jeugdcellenhuis is gericht op een nuttig verblijf en het bieden van perspectief als de detentie eindigt. Dat betekent als ze nog naar school gaan zorgen voor huiswerkondersteuning en het kunnen maken van repetities. Daarnaast kunnen (pedagogische) gesprekken plaatsvinden over de thuissituatie, hun toekomst, seksualiteit en de omgeving. Tijdens de detentieperiode onderhouden we contact met de ouders.
Het doel van de hulpverlening is de jongere te begeleiden met de terugkeer naar school.
Indien de school al is verlaten stellen we een plan van aanpak op voor het traject na de detentie. In het natraject kan een sociale vaardigheidstraining of een plaats in een leer – werk traject worden aangeboden. Voor verwijzing is een goede sociale kaart aanwezig.
Het consultatieteam voert maandelijks gesprekken met de directie en leerkrachten van de scholen. De leerkrachten brengen vragen over zorgleerlingen in het team voor advies en consultatie. Het consultatieteam geeft advies en begeleiding aan zorgleerlingen. Na het opstellen van het plan van aanpak kan WiN overgaan tot hulpverlening aan de jongeren en de ouders.
Het leer-werktraject kenmerkt zich door twee activiteiten die onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn; onderwijs en werk/stage. In de ochtend krijgen de jongeren onderwijs in de vakken rekenen, taal en algemene ontwikkeling. Bij de algemene ontwikkeling komen naast geschiedenis ook gezondheidsvakken (voeding, HIV/Aids, alcohol en drugs e.d. ) aan de orde. Het kenmerk van leren zal ‘ spelend leren’ zijn. Individueel zullen de jongeren bijgeschoold worden in de vakken rekenen en taal. Het vak algemene ontwikkeling geeft WiN aan de hele groep. Ook maken de jongeren veelvuldig gebruik van de computer en ruimen we tijd in voor groepsgesprekken, sociale vaardigheden en spel.
’ s Middag’s stellen we de jongeren te werk bij een tuiniersbedrijf en in een voorziening voor verstandelijk gehandicapte kinderen, in een later stadium ook bij een aannemer of in een garage, waar zij een vak kunnen leren. In het bedrijf krijgen de jongeren een vaste mentor voor de begeleiding. Regelmatig vindt afstemming plaats tussen de menstor van de onderwijscomponent en de mentor van de stage. Belangrijk gesprekspunt zijn de vorderingen van de jongeren met betrekking tot de ontwikkeling.
Het doel van het leer-werktraject is jongeren een vak te leren, basale kennis en cognitieve vaardigheden bij te brengen, leren samen te werken en dat zij van betekenis zijn en te leren hoe zij een maatschappelijke positie kunnen verwerven om uiteindelijk inkomen te kunnen generen.
Samenwerkingsrelaties en verwijsinstanties
In het district Nickerie zijn een zeer beperkt aantal voorzieningen beschikbaar.
Dat betekent enerzijds een beperkt aantal mogelijkheden voor verwijzing en anderzijds de noodzaak met de verschillende netwerkpartners een samenwerkingsrelatie op te bouwen.
Voor (psycho)somatisch onderzoek kan een beroep worden gedaan op het Streekziekenhuis Nickerie en haar afdeling medische psychologie[15].
Nagenoeg alle scholen in het voortgezet onderwijs en enkele scholen uit het basisonderwijs hebben counselors in opleiding aangesteld. Zij zullen in de hulpverlening worden betrokken[16]. WiN werkt nauw samen met het directeurenberaad.
Mogelijke verwijsinstanties zijn ook: de Stichting Stop geweld tegen Vrouwen en het Nickerie Aids team. Met beide instanties wordt nauw samengewerkt.
In het district Nickerie is een Bureau Rechtszorg voor de rechtshulp aan minderdraag-krachtigen. Zij bezoeken momenteel geen minderjarigen in de jeugdcellenhuizen.
WiN streeft naar de bouw van een zeer outreachend werkende groep jeugdhulpverleners, vooralsnog bemenst door medewerkers vanuit de counseloropleiding, door tijdelijke professionals uit Nederland, en door stagiaires.
Een bijzonder belangrijke samenwerkingspartner in dit project is het Korps Politie Suriname. In de Nickeriaanse samenleving ziet de bevolking het KPS, naast haar justitiële taken als pedagogisch begeleider voor vraagstukken rond de probleemjongeren. De politie bestaat uit opsporingsambtenaren, zij beheren tevens het Jeugdcellenhuis. Een huis van bewaring voor jongeren bestaat in Nickerie niet. Voor de berechting verblijven de jongeren in het politiebureau. De politie in Nickerie heeft drie hulpofficieren van justitie. Zij hebben de bevoegdheid om plegers van een klein vergrijp heen te zenden.
Na 14 dagen ziet de jongere een hulp officier van justitie. Tijdens de voorgeleiding wordt besloten over de verlenging van de detentie. De rechter houdt uitsluitend strafzittingen in Paramaribo.
De relatie tussen de hulpverleners van WiN en de kinderen, de jongeren en hun families bestaat op basis van vrijwilligheid. Het beroepsgeheim van de medewerkers is op al het werk van toepassing. Dwang tot deelname aan een hulpverleningsprogramma is onacceptabel.
Met de scholen, de inspectie en met de politie zal de samenwerking op basis van afspraken en convenanten uitgewerkt worden.
Het verwerven van fondsen heeft topprioriteit. Deze notitie benutten we om verschillende fondsen informatie te geven over het doel en de activiteiten van het project.
Uiteindelijk zal de Surinaamse overheid het project financieel structureel moeten gaan ondersteunen. Voorlopig is het echter nog niet zo ver. Dat betekent niet dat in een vroeg stadium met de verschillende instantie het gesprek wordt aangegaan. Het Ministerie van Onderwijs, Sociale zaken en Justitie krijgen informatie, worden ‘ meegenomen’ in het proces en worden verzocht om fiattering. Alles met als doel uiteindelijk structurele financiering te krijgen.
Een belangrijk aandachtspunt is het verwerven en opleiden van medewerkers voor Win. De uitvoering en opzet van het project zal vooralsnog worden uitgevoerd door de beschikbare medewerkers van WiN. De inzet is om in zo’n vroeg mogelijk stadium nieuwe medewerkers aan te trekken en te scholen. Voor de opleiding, begeleiding en coaching maken we een opleidingsplan. Voor de inzet van gekwalificeerd personeel denken we aan (ex) kweekschoolleerlingen, counselors en ambtenaren in dienst van sociale zaken. Voor de opleiding van gekwalificeerd personeel zal samenwerking gezocht worden met de V.P.S.I.
November 2003
Rob Mooij
Dr. Tobi Graafsma
Mr. Marjolein Schadé
De opzet van een project is tijdrovend en vereist een goede voorbereiding. Op dit moment is de capaciteit van WiN nog beperkt. Het streven is om op termijn alle genoemde activiteiten uit te voeren. Bijgaand schema geeft de volgorde van de activiteiten aan met 1 (1e helft 2004), 2 (2e helft 2004) en 3 (2005).
|
Activiteiten / doelgroep |
Voortijdige schoolverlaters |
Zorgleerlingen
|
Kinderen in contact met politie |
|
Melding van de school aan Win |
1 |
2 |
|
|
Inzet van consultatieteam rondom zorgleerlingen |
1 |
2 |
|
|
Gesprek met jongere |
1 |
2 |
|
|
Gesprek met de ouders |
1 |
2 |
1 |
|
Inventarisatie wat ouders en leerling nodig hebben |
1 |
2 |
|
|
Onderzoek naar functioneren jongere en reden afwezigheid op school |
1 |
2 |
|
|
Onderzoek naar leer- en opvoedingsproblemen |
1 |
2 |
|
|
Overleg met de school |
1 |
2 |
|
|
Plan van aanpak maken voor ondersteuning jongere en ouders |
1 |
2 |
|
|
Jongere en ouders verwijzen naar de juiste instantie |
1 |
2 |
|
|
Inzetten van (gezins)coach |
2 |
2 |
|
|
Zorgdragen voor nuttig verblijf in detentie |
|
|
1 |
|
Begeleiding bij schoolactiviteiten tijdens detentie |
|
|
1 |
|
Zorgdragen voor pedagogische gesprekken |
|
|
1 |
|
Zorgdragen voor terugkeer naar school |
|
|
1 |
|
Contact onderhouden met ouders |
|
|
1 |
|
Plan van aanpak maken voor natraject |
|
|
1 |
|
Sociale vaardigheidstraining |
2 |
2 |
2 |
|
Leer- werk traject |
2 |
3 |
1 |
|
Organisatorische activiteiten |
|
|
Uitwerken sociale kaart |
1 |
|
Opzetten structureel overleg samenwerkingsrelaties |
1 |
|
Convenanten samenwerkingsrelaties |
1 |
|
Fondswerving |
1 |
|
Structurele financiering Surinaamse overheid |
2 |
|
Opzetten structureel onderzoek i.s.m. Streekziekenhuis Nickerie |
2 |
|
Werven en opleiden gekwalificeerd personeel |
2 |
|
Opzetten opleiding jeugdhulpverlening |
3 |
1 In deze notitie spreken we van jongeren, we bedoelen daarmee de door ons vastgestelde doelgroep van kinderen en jongeren tussen 8 en 18 jaar.
[1] De staat van de wegen en de slechte bereikbaarheid van voorzieningen zijn echter ook een algemeen geaccepteerd argument om niet of niet op tijd op de afspraak verschijnen.
[2] Twee jaar geleden stortte die teelt in, waardoor ongeveer 2000 gezinnen zonder inkomen kwamen te zitten. Momenteel worden pogingen ondernomen de bananenplantage weer op te starten.
[3] Het Streekziekenhuis en het Welzijns instituut Nickerie werken hierin nauw samen.
[4] In het geval van het plegen van strafbare feiten bijvoorbeeld ligt het volgens de ouders en de plegers aan ‘verkeerde vrienden’ en niet zozeer aan iets in de pleger en zijn familie zelf.
[5] Het Welzijns instituut Nickerie (WiN) leidt momenteel een groep mensen, waaronder een aantal die de Hindu spreken, op tot professioneel counsellor.
[6] Zo leunt het werk dat WiN in samenwerking met wijkorganisaties in de polders doet zeker ook op de participatie van een groot aantal jongeren dat zich inzet voor sociale activering.
[7] Specifiek voor gebieden als Nickerie geldt dat door de slechte wegverbindingen het natuurlijk noodzakelijk is dat voorzieningen in deze sfeer sterk locaal (in de polders) verankerd zijn en dat medewerkers in de jeugdzorg mobiel en outreachend werken.
[8] In samenwerking met de Vrije Universiteit Amsterdam is een medewerker van WiN begonnen aan een sociaal-economisch onderzoek naar de economische ontwikkeling in het district Nickerie.
[9] Zie ook:”Caring for children and adolescents with mental disorders”, World Health Organization, Geneve 2003.
[10] Voor een overzicht: zie bijvoorbeeld de “Situatieanalyse van kinderen in Suriname”, Ministerie van Sociale Zaken en Volkshuisvesting, 2001.
[11] Waar nodig op basis van individueel en gezinsonderzoek, en psychosociale begeleiding.
[12] Zie met name Loeber, Slot en Sergeant (2001). Ernstige en gewelddadige jeugddelinquentie. Houten: Bohn Stafleu Van Loghum.
[13] Deze opleiding is, met financiele steun van het bureau Microprojekten van de Europese Unie, reeds gaande.
[14] Zoals eerder aangegeven wordt het projekt dat zich richt op dubbelgehandicapte kinderen elders beschreven.
[15] Operationeel per februari 2004.
[16] De inspecteur onderwijs Nickerie maakt deel uit van het bestuur van WiN.